Nederlands / B1

De nachtegaal en de koekoek

Short story

De nachtegaal en de koekoek deden mee aan een zangwedstrijd. De beste zanger zou de prijs van het dal winnen. Wat zou de winnaar gelukkig zijn!

“Ik weet iemand die ons kan beoordelen,” zei de koekoek. “Hij heeft geweldige oren om mee te luisteren.”

De ezel kwam en de wedstrijd begon. Terwijl de nachtegaal zong, bromde de ezel wat in zijn keel. Hij rekte zich uit en gaapte. De wind, het bos en het stromende water zwegen bij het lied van de nachtegaal.

Uiteindelijk gaf de ezel zijn oordeel.

“Niet slecht. Maar het is te wild gezongen. Je houdt geen vast ritme.”

Na even gelachen te hebben, luisterde hij naar de andere vogel. De koekoek begon meteen met zijn eigen roep. Steeds opnieuw klonk hetzelfde: “Koekoek, koekoek!”

“Bravo! Dat noem ik zingen,” verklaarde de ezel. “Dat is de juiste toon. De nachtegaal maakt wel een aardig geluid, maar de koekoek wint de prijs. Zo'n regelmatig ritme kan ik begrijpen. Ik kan er heerlijk bij in slaap vallen. Van dat ingewikkelde zingen houd ik niet.”


English summary · includes the ending

A nightingale and a cuckoo compete for the singing prize of their valley. The cuckoo proposes a judge with very large ears, suggesting that he should be able to listen well. This judge turns out to be a donkey.

The nightingale sings while the donkey makes a low sound, stretches and yawns. The wind, the woods and the flowing water become silent during the song. The donkey finally says that it is not bad, but complains that it is too wild and does not keep a steady rhythm.

Then he listens to the cuckoo, who repeats the same call again and again. The donkey immediately praises this performance and declares the cuckoo the winner. He explains that its regular rhythm is something he can understand. It is also pleasant to fall asleep to. He does not like the other bird’s more complicated style, which he describes as Greek.

Adapted for Lejrbål from the credited source.
Read the source