Nederlands / B1
Boerke Naas
Boer Naas was naar de stad gegaan om twee runderen te verkopen. Hij kreeg er zeshonderd frank voor. Voor hij naar huis ging, kocht hij een pistool waar zeven kogels in konden. Hij vulde het met kogels.
Hij liep met lichte stappen en een zware portemonnee. Toch wenste hij dat hij al thuis in bed lag. Plotseling hoorde hij achter zich iets bewegen. Voor hij goed kon reageren, greep iemand hem vast en lag hij op de grond.
Een dief richtte een pistool op hem. Als Naas niet meteen zijn geld gaf, zou de man schieten. Ook bewegen zou hem zijn leven kosten.
„Wat zal mijn vrouw zeggen?” riep Naas. „Ze zal denken dat ik weer al het geld heb opgedronken. Schiet alstublieft door mijn hoed. Dan kan ik bewijzen dat ik beroofd ben en bijna een kogel door mijn hoofd kreeg.”
De dief wilde liever zijn geld dan zijn bloed en schoot door de hoed. Naas vroeg vervolgens om een schot door zijn jas en daarna door zijn broek. De dief deed wat hij vroeg.
„Genoeg! Waar is je portemonnee? Ik heb geen tijd en geen kogels meer,” zei de dief.
„Ik wel!” antwoordde Naas. Hij haalde zijn eigen pistool tevoorschijn en dreigde te schieten als de dief niet meteen vertrok. De man rende zo hard weg dat de verteller nauwelijks kon beschrijven hoe snel hij liep. Naas was geen held, maar zeker niet dom.
English summary · includes the ending
Farmer Naas sells two cattle for six hundred francs. Before walking home, he buys and loads a pistol that can fire seven shots. A robber attacks him, knocks him down and demands his money at gunpoint.
Naas says his wife will think he has spent the money on drink. He asks the robber to shoot through his hat so he can prove that he was robbed and nearly killed. The robber agrees. Naas then asks for shots through his coat and trousers as further proof, and the robber fires again.
At last, the robber demands the money, saying he has no time or bullets left. Naas replies that he still has bullets and draws his own pistol. He orders the robber to leave and threatens to shoot if he approaches. Next time, the man should bring his brains along.
The robber runs away extremely fast. Naas may lack courage, but he certainly is not foolish.
Adapted for Lejrbål from the credited source.
Read the source