Nederlands / C1

De biecht

Short story

Het werd Pasen en iedereen ging te biecht: bij de priester vertellen welke fouten of zonden men had begaan. Dat gebeurde in een stad waarvan ik de naam niet weet. Een zekere pater, wiens naam ik evenmin kan noemen, was er de priester bij wie de meeste jonge vrouwen het liefst kwamen.

‘Vader’, begon Thereesje, ‘sinds ik mijn haar opgemaakt draag, betrap ik mij dag na dag op dezelfde fout. Overal krijg ik te horen hoe mooi ik ben! Die lof brengt me het hoofd op hol. Ik probeer mijn ijdelheid te weerstaan, maar tevergeefs: het duizelt me ervan.’

‘Foei, foei!’ antwoordde de pater. ‘Maar zegt u mij eens: bent u rijk?’

‘Och nee. Zoals iedereen weet, is alleen mijn jongere zuster rijk. Zij heeft van haar peetouder geërfd.’

‘Welnu, dan hoeft u zich verder geen zorgen te maken. Uw hoogmoed zal verdwijnen wanneer de mannen om de hand van uw zuster komen vragen en u laten staan, mooi kind dat u bent.’


English summary · includes the ending

At Easter, people go to a priest to admit their faults. In an unnamed town, one priest is especially popular with young women. Thereesje comes to speak to him about a problem that she faces every day.

Since she began wearing her hair neatly arranged, she keeps hearing how beautiful she is. All this praise makes her proud. She tries to fight that feeling, but she cannot manage it.

The priest disapproves, then asks whether she is rich. Thereesje says no. As everyone knows, only her younger sister is wealthy: she has inherited money from her godparent.

The priest tells Thereesje not to worry. He predicts that men looking for a wife will choose her rich sister and leave her alone, however beautiful she is. Then her pride will disappear. The story ends with his sharp answer; it does not show whether his prediction comes true.

Adapted for Lejrbål from the credited source.
Read the source